Nieuws

Witte wieven, wie kent ze niet?!

“Witte wieven (…) zijn mythische wezens. Het is de naam voor vrouwenfiguren die in sagen voorkomen en soms goedaardig, soms kwaadaardig zijn. (…) Witte wieven worden vaak in verband gebracht met heksen en/of spoken.” Aldus Wikipedia over het begrip ‘witte wieven’. Welk deel van het relevante publiek kent witte wieven als begrip en hoe toon je dat aan? Deze vraag lag voor bij de Hoge Raad in het geschil over Heksenkaas en Witte Wievenkaas. Het Hof Den Haag ging ervan uit dat een substantieel deel van het grote publiek bekend is met de betekenis van het begrip witte wieven. En iemand die niet bekend is met het begrip zal, zo vond het hof, in elk geval weten dat het bij die term gaat om fictieve vrouwelijke wezens en dat die term een negatieve connotatie heeft. Deze aanname van het hof gaat de Hoge Raad te ver. Het hof mocht niet zomaar op basis van bewijsstukken die slechts betrekking hadden op de betekenis van witte wieven, de bekendheid van dit begrip aannemen. En waarom zou iemand die niet bekend is met het begrip op zijn minst weten dat de term witte wieven verwijst naar fictieve vrouwelijke wezens en dat die term een negatieve connotatie heeft? De zaak zal opnieuw moeten worden onderzocht, ditmaal door hof Den Haag.

Mocht er in de toekomst onenigheid bestaan over de bekendheid van de betekenis gnoom in het kader van een geschil over dwergenmelk en gnomenmelk, heeft de Hoge Raad ook een aanwijzing gegeven over de bewijslast. Degene die de stelling dat het begrip “gnoom” bekend is bij het grote publiek betwist, hoeft daarvoor geen bewijs van hoge kwaliteit over te leggen. Dat is aan de partij die stelt dat het grote publiek ervan op de hoogte is dat een gnoom een aardgeest of dwerg is.

Mathijs Peijnenburg, juridisch medewerker

Afdrukken dit artikel