De beschrijvende handelsnaam blijft voor verwarring zorgen

Jeroen.jpg

Begin dit jaar gaf de Hoge Raad in het arrest DOC/Dairy Partners dan eindelijk duidelijkheid wat betreft de beschrijvende handelsnaam: in zo’n geval zijn voor een verbod bijkomende omstandigheden vereist:

“De hiervoor (…) bedoelde wijze van beoordeling van de vraag of gevaar voor verwarring bestaat, waarborgt in voldoende mate dat aanduidingen die beschrijvend zijn voor de aard van een onderneming of van de door haar geleverde waren of diensten, door een ieder vrij kunnen worden gebruikt. Om die reden bestaat er wat betreft beschrijvende handelsnamen zonder onderscheidend vermogen onvoldoende aanleiding om bijkomende omstandigheden te vereisen

De vrijhoudingsbehoefte – om beschrijvende handelsnamen te gebruiken en te blijven gebruiken – speelt daarmee een belangrijke rol bij de beoordeling van de vraag of er verwarringsgevaar te duchten is. Het publiek is immers gewend geraakt aan de grote mate van gebruik van beschrijvende handelsnamen door ondernemingen, aldus de Hoge Raad.

De voorzieningenrechter Limburg komt in een procedure tussen teamleiders.nu en teamleiders.nl tot een bijzondere toepassing van de ‘bijkomende omstandigheden’. Factoren zoals het gevaar dat e-mails naar de verkeerde onderneming worden gestuurd, visuele- , auditieve- én begripsmatige overeenstemming spelen een belangrijke rol om tot verwarringsgevaar te komen. Daarbij lijkt de houding van teamleiders.nu (registreren van domeinnamen na sommatie) óók van belang te zijn.

De rechter lijkt hier de aanname van de Hoge Raad – het publiek is gewend geraakt aan beschrijvende namen – volledig te negeren en te concluderen dat er sprake is van feitelijke verwarring en daarmee is een verbod op zijn plaats. Zo blijkt maar weer dat de beschrijvende handelsnaam voor verwarring blijft zorgen.

Jeroen van Kampen, student-stagiair